Interview Bart Vrients



1) De meeste lezers van het journaal weten ondertussen waar ieder interview mee begint: Wie is Bart Vrients?
Ik ben dus Bart Vrients, 23 jaar oud en van geboorte Limburger, maar nu woonachtig in Eindhoven. Als kind las ik al vrij veel boeken en was gefascineerd hoe schrijvers aan zulke fantasie kwamen. Ook illustraties kregen volop mijn aandacht. Tegen mijn 16e ben ik begonnen met mijn eerste –en momenteel laatste – lange verhaal te schrijven. Dit duurde zo lang, dat ik pas enkele jaren daarna een punt achter het geheel kon zetten. Daarna besloot ik om eens korte(re) –en vaak humoristische – verhalen te schrijven, dat me uitstekend beviel. Daarnaast begon ik ook mijn tekenstijl verder uit te diepen, zodat ik verschillende verhaaltjes van mijn hand kon opluisteren met een tekening. Als resultaat ontving ik telkens weer leuke reacties van familie en bekenden, maar ook van mensen die mijzelf niet echt kenden. Dit stimuleerde mij dan ook om flink door te blijven schrijven. Ondanks mijn hobby van het schrijven van verhalen heb ik opleidingen in het archiefwezen en de financiële administratie gevolgd, waarvan ik de laatste ook daadwerkelijk succesvol heb afgesloten. Ik ben dan ook werkzaam in deze sector, maar zou het zeker geen straf vinden om ooit eens over te stappen naar iets in de boekenbranche. Begin 2009 is het me gelukt om via de organisatie ‘Boekscout’ een twintigtal verhaaltjes van me te bundelen met bijbehorende tekeningetjes in één boekwerkje, dat inmiddels meer dan vijftig keer over de toonbank is gegaan. Het heet ‘Suikeropa en de Uil’ en het werkt bij menig persoon op de lachspieren. Of er in de nabije toekomst nog iets van mijn hand zal verschijnen, ligt aan de kwaliteit van mijn eigen schrijven waar ik steeds weer verbetering in probeer aan te brengen.

2) Je verhalen vallen ons op door je plezierige en fantasierijke keuze voor de namen van je personages en attributen. Hoe verzin je deze namen en hoe kom je aan deze fantasie?
De namen komen gewoon uit het niets op, alsmede de fantasie die de rest van het werk doet. Ik begin gewoon met schrijven en de rest gaat eigenlijk vanzelf. Af en toe heb ik wel van te voren bedacht hoe het verhaaltje moet eindigen. Daarnaast schijn ik een nogal ouder Nederlands taalgebruik te hanteren, wat verschillende mensen ook als iets aparts zien en zodoende bijdraagt aan het plezierige lezen van de desbetreffende tekst(en).

3) Uit betrouwbare bronnen weten we dat je graag meedoet aan schrijfwedstrijden. Wat motiveert jou om aan deze schrijfwedstrijden mee te doen? Wat hoop je er ooit mee te willen bereiken? En wat heb je er ooit mee bereikt?
Mijn motivatie om mee te doen aan een wedstrijd, is onder andere mijn nieuwsgierigheid of de juryleden van de betreffende wedstrijd mijn werk goed genoeg vinden en of mijn schrijfstijl goed genoeg uit de verf komt om te concurreren met andermans werk. Daarnaast vind ik het ook gezellige gelegenheden waar je andere schrijvers tegenkomt waar je eventueel ervaringen mee uit kunt wisselen. Het zou wel mooi zijn als je er een keer uitgepikt wordt en door een groter publiek ‘ontdekt’ wordt, maar ik probeer zo nuchter mogelijk te blijven en daar zo min mogelijk aan te denken. Iets gewonnen heb ik met wedstrijdinzendingen tot nog toe nog niet gedaan, maar dat is ook niet het belangrijkste. De sfeer en de winnende inzendingen lezen/aanhoren vind ik al waardevol. Waardering en terugkoppeling van anderen zie ik meer als een prijs, want daar kun je goed mee vooruit voor in de toekomst.

4) Kunnen we je verhalen en gedichten nog ergens anders terug lezen dan bij ons in het journaal?
Jazeker. In de eerste plaats zijn twintig van de door mij geschreven verhaaltjes van ‘Suikeropa en de Uil’ in gebundelde vorm te koop bij Boekscout (http://www.boekscout.nl/html/boek.asp?id=639). Daarnaast heb ik ook nog verschillende bonusafleveringen over dit maffe duo geschreven, die je gewoon toegestuurd kunt krijgen als je daar behoefte aan hebt.

5) Waar ben je op het moment erg druk mee?
Momenteel ben ik op banenjacht, maar daarnaast schrijf ik nog met een zekere regelmaat nieuwe werkjes. Zo heb ik laatst verschillende sprookjes in een relatief kort tijdbestek geschreven en ben ik nog wel eens in de weer met tekstjes van nog geen kantje lang. Maar van een echt nieuw project is nog geen sprake.