Interview Rob Ruggenberg



Het woord is aan Rob Ruggenberg. Een veelzijdige auteur die naast het schrijven geniet van het leven.

1) Wie is Rob Ruggenberg?
Hij is iemand die geniet van zijn tweede jeugd, want zo kan ik mijn nieuwe loopbaan als jeugdboekenschrijver wel betitelen. Als ik had geweten dat dit vak zo boeiend was had ik de overstap al eerder gemaakt. Eindelijk een publiek dat niet meer primair geïnteresseerd is in geld en status.

2) Als journalist vervulde je veel functies. Verslaggever, eindredacteur, chef eindredactie en reportageredacteur. Heb je als auteur van avonturenromans nog toekomstplannen? Wat wil je als auteur nog bereiken?
Ik ben al bijna 64 jaar en ik doe jaren over een boek. Het onderzoek kost veel tijd en energie, het schrijven trouwens ook: ik ben al blij als ik na een dag schrijven en schrappen twee of drie goede alinea's heb staan. Daarom zal ik nooit een groot oeuvre bijeenschrijven. Ik heb tamelijk vaste ideeën voor nog eens vier of vijf boeken. Ik hoop dat ik die afkrijg voordat de ouderdom toeslaat. Maar wat ik werkelijk wil bereiken staat daar eigenlijk los van. Ik kreeg een paar weken geleden een mailtje van een jongen die schreef: "Ik heb op school een 4 gehaald voor natuurkunde en daar bent u de schuld van. Ik had uw boek en ik heb de hele avond en nacht doorgelezen, want ik wilde weten hoe het afliep. Daarom heb ik mijn huiswerk niet gemaakt." Zo'n opmerking vind ik bijna het hoogst denkbare compliment - en voor mij belangrijker dan de literaire prijzen die ik heb gewonnen. Al zal die natuurkunde-docent het niet met mij eens zijn.

3) Op de site www.ruggenberg.nl lezen we dat je graag voorleest en lezingen geeft aan groepen. Wat moet men doen om je een bezoekje te brengen?
Veel lezingen worden aangevraagd en geregeld door de stichting Schrijvers School Samenleving ( www.sss.nl ). Dat is een fantastische organisatie die bibliotheken, scholen en schrijvers bij elkaar brengt. Soms word ik ook individueel benaderd, door een onderwijzer of onderwijzeres die een fan van mij is en vraagt of ik niet eens op school wil komen. Het allermooiste zijn echter de kinderen die een spreekbeurt of een boekbespreking houden over een van mijn boeken, en die het lef hebben mij te vragen om in hun klas te komen, als een soort slagroomtoef op hun eigen werk. Als het maar even kan kom ik.

4) Kun je meer vertellen over je allernieuwste werk ‘Bevroren eiland’?
Een typisch voorbeeld van een boek dat zich lastig laat schrijven. Nederlandse zeelieden ontvoeren in de 17de eeuw twee eskimo-kinderen en nemen ze mee naar Nederland. Eén sterft vrijwel onmiddellijk, de ander brengen ze na een jaar terug. Waargebeurd, en het onderwerp van het boek. Ik heb voor mijn onderzoek een tijd in Groenland gezeten, bij een inuit-familie gewoond en nu weet ik zoveel van de inuit dat het manuscript bol staat van de weetjes. Dat is natuurlijk niet de bedoeling. Daarom stop ik ermee. Het manuscript verdwijnt in een la en ik ga het helemaal overnieuw schrijven, echt vanaf hoofdstuk 1, maar nu met de nadruk op het verhaal. Alles wordt anders, ook die titel dus. Ik heb zoiets al eerder gedaan en weet uit ervaring dat het boek daar alleen maar beter door wordt. Maar op het moment dat ik die beslissing neem, is het wel even slikken.

5) Wat wij altijd interessant vinden om te weten van een auteur is of zij zelf ook een favoriet hebben. Is dit bij ook bij jou het geval? Heb je zelf een favoriete auteur of een bepaald genre die je zelf graag leest?
James A. Michener is mijn grote voorbeeld als het gaat om de aanpak van historische avonturenromans. John Irvings stijl bewonder ik. Dat geldt ook voor andere grote vertellers, zoals Charles Palliser, Peter Carey, Pat Conroy en Salman Rushdie - auteurs die ik destijds allemaal als journalist persoonlijk heb opgezocht en geïnterviewd. Met de Nederlandse jeugdboekenschrijvers voel ik me minder verwant. In recensies worden mijn boeken vaak vergeleken met die van Thea Beckman en Simone van der Vlugt. Ik begrijp dat niet helemaal, ik heb niets met Beckman en Van der Vlugt. Wat dat betreft voel ik mij een eenling in het boekenlandschap. Dat geeft niets, ik voel me daar wel prettig bij. En zolang kinderen ’s nachts doorlezen omdat ze mijn boeken niet kunnen wegleggen, ga ik ermee door.

Bezoek zijn website